Ik ben Janneke en ik heb hoge verwachtingen. Van mezelf én van het leven. Hoe dat iedere keer weer tegenvalt, lees je hier.

Categorie

Archief

Categorie: Tegenvallers

In de lucht likken

’s Ochtends bij het ontbijt verzamelen mijn katten zich altijd om mij heen. Nu klinkt het alsof ik er twaalf heb, was dat maar waar, het zijn er twee. Ze doen dat niet alleen (lees:niet) omdat ze mij zo lief vinden, maar omdat ze van boter houden. Dat geef ik ze ook altijd, omdat anders echt zou blijken dat ze niet komen als ze geen boter krijgen. Dus doe ik braaf twee likjes boter aan twee van mijn vingers, aan elke hand eentje, want als ze te dicht bij elkaar zijn krijgt de leukste altijd klappen. Daarna reik ik de boter uit.

Mijn katten pakken het vervolgens erg verschillend aan. De leuke is van de snelle aanpak: als ik iets aan mijn vinger doe, ook als het iets is wat ze nog niet kent, begint ze in de lucht alvast te likken zodat ze zodra haar tong mijn vinger raakt al goed op snelheid is. Ze gaat er als het ware vanuit dat het wel lekker zal zijn, dat ik het niet voor niets aan mijn vinger doe. De minder leuke is kritischer. Die ruikt eerst even kritisch aan mijn vinger: Is dit wat ik ervan had verwacht? Is dit waar ik op dit moment behoefte aan heb? Maar boter is altijd goed, dus ook zij begint te likken. Ze likt veel langzamer, het is echt een project bij haar. En zoals mijn vriend nooit van een vork of lepel wil eten die ik al heb gebruikt (wat ik altijd onzin vind omdat we ook regelmatig zoenen – niet echt regelmatig, geen gezette tijden), en dan alleen het deel eraf eet dat de vork/lepel niet raakt, wil deze kat mijn vinger net niet aanraken. Ze likt dus de buitenkant van het klontje boter eraf.

De leuke kat is inmiddels al lang klaar, die heeft het met snelle likjes weggewerkt terwijl ze ondertussen nog extra adem door haar neus naar binnen trok, waardoor het heerlijk klonk. Een soort omgekeerd snurken van genot, ik krijg inmiddels ook bijna zin in losse boter. Ze kan niet wachten om het restje aan mijn andere vinger ook op te likken. Dus kruis ik mijn handen en laat ik de leuke kat het restje oplikken en de andere aan mijn lege vinger ruiken. Zodra ik dat doe wordt de minder leuke kat echter meteen jaloers: ineens wil ze het restje dat ze zelf niet wilde hebben toch, ze wil wat die ander heeft.

Ik ben bang dat ik het meest op die kat lijk.

Zien hoe leuk je vriend is

Dat je toch altijd hoopt dat andere mensen zien hoe leuk je vriend is. Soms voel je dat je in een omgeving bent waar mensen dat niet vinden, of niet per se. Dan wil je het extra graag. Maar soms geven ze hem geen kans en dan zien ze het niet. Pech voor hen, zou je zeggen. Maar volgens mij is het echte probleem dat je door hun ogen mee gaat kijken, en dat je het dan zelf even niet meer ziet. Wat was er ook alweer zo leuk aan hem? Hij is inderdaad wat stil nu. Misschien komt dat ook omdat ik al een tijdje niks tegen hem heb gezegd en het erg leuk heb met die andere mensen, terwijl hij niemand kent hier?

Weer een droom

Ik droomde vannacht dat er toch nog een aflevering van Ik vertrek bleek te zijn die we nog niet hadden gezien. Zodra ik wakker werd gingen mijn emoties heel snel over van blijdschap in teleurstelling in schaamte.

Sport kijken

Als ik geen sport kijk vind ik het goed dat ik geen sport kijk: het kost veel tijd die ik niet heb, van een afstand zie ik dat het verspilling is van die tijd. Dat je beter zelf kunt gaan sporten of iets doen of maken. Maar zodra ik het kijk, verandert mijn hele kader en voelt het wezenlijk, komt het me ineens absurd voor om die mensen te laten sporten zonder dat ik ze volg.

Het allerleukste is het om iets te volgen, zoals bij een EK of WK. Het is van belang dat ik er weer bij ben de volgende keer, zo voelt het. Dat kan nét het verschil maken. Ik kan me dan bijna lichamelijk verheugen: er was iets leuks binnenkort, o ja, de kwartfinale! Hetzelfde gevoel als wanneer ik vroeger bijna jarig was. Ik vergeet nooit meer dat we in Frankrijk op de camping stonden en in onze stilstaande auto radio gingen luisteren om te horen hoe Ron Zwerver de volleybalfinale op de Olympische Spelen voor ons won. Ja, hij was heel lang (dat is hij waarschijnlijk nog steeds), maar hij deed het toch maar mooi!

Maar ook de halve finale van het EK in 2000 blijft me altijd bij: ‘s Middags had ik mijn middelbare schooldiploma uitgereikt gekregen en een paar uur later zat mijn familie binnen voor de tv terwijl ik in de tuin stond, eerst omdat ik de penalty’s te spannend vond en nadat we ze hadden verloren omdat ik me schaamde voor mijn tranen. Dat is wel een belangrijk verschil met jarig zijn, wat tot nu toe altijd lukte: de mogelijk verdrietige afloop. Het kan je stemming behoorlijk bederven. Dan voel je ook meteen weer de willekeur, van iemand volgen omdat hij zo nodig in hetzelfde land is geboren.

Wat dat betreft zijn series een veiligere gok. Daar heb je ook het leuke gevoel van ‘iets volgen’, zonder de kans op verliezen. Hoewel zo’n serie op een gegeven moment wel stopt, en dan overvalt me ook altijd een raar soort verdriet: niet alleen omdat ik het jammer vind, maar ook omdat het me doet beseffen dat het maar een serie was. Met terugwerkende kracht is het dan toch nog tijdverspilling.

‘Gooi je haar eens los’

Sommige mensen zeggen: gooi je haar eens los. Dat zeggen ze echt. Sommige mensen zeggen ook dat mijn stijfheid mijn kracht is. Ik wil mezelf niet analyseren. Geef mij iemand anders met een probleem, dan ben ik er voor diegene, dat kan ik goed. Mijn eigen problemen zijn zo voorspelbaar, als een stom liedje dat te vaak op de radio is.

Doe mij maar mensen die zelfmoord willen plegen en dat ik dan kan zeggen dat het echt niet zo erg is als het lijkt allemaal. Dat ik het begrijp hoor, hoe erg het lijkt. Maar dat het dat toch niet is. Dat de wereld er overmorgen weer anders uitziet.

Als mijn vriend eens somber is vervagen mijn eigen problemen direct, daar hoeft hij niet eens dood voor te willen. Dat wil hij ook nooit. Hij redt zich altijd wel, ik hoef zelden voor hem te zorgen. Was mijn vriend maar wat labieler, dan was ik zo veel sterker. Verder is hij perfect, ik wil hem graag houden. Misschien toch maar eens rondkijken op secondlove.nl: ik zoek een minnaar die soms zelfmoord wil plegen.

Afgespoelde vlokken

Sinds vanochtend weet ik dat afgespoelde vlokken niet lekker zijn.

Aan deze conclusie is nogal wat voorafgegaan. Toen ik vlokken op mijn broodje strooide, viel er namelijk eentje in de gootsteen. En hoewel ik mijn eigen gootsteen, in tegenstelling tot die van andere mensen, gevoelsmatig nooit heel vies vind, ben ik me er wel van bewust dat daar waarschijnlijk allerlei bacteriën in rondwaren, misschien ook wel in tegenstelling tot bij andere mensen want wij maken niet zo vaak schoon. Het allergoorste vind ik het putje leeghalen bij andere mensen. Als je weet wat er in het putje zit omdat je het zelf ook deels hebt gegeten is het al smerig, laat staan als je niet weet wat er aan je vingers blijft kleven. Maar er viel een vlok in mijn gootsteen, dat vond ik zonde dus spoelde ik hem af en at ik hem alsnog op.

Ik vond het zonde om hem weg te gooien omdat je bij vlokken toch al niet zo veel waar voor je geld krijgt. Er zit vooral lucht in het pak, de kracht van vlokken is tegelijkertijd hun zwakte. Daarom koos ik eerder altijd voor het redelijkere hagelslag: iets minder lekker maar je krijgt wel de hoeveelheid die het pak belooft. De pure hagelslag van Fairtrade hadden wij altijd, totdat ze daar ineens melk in gingen stoppen en ik dat niet helemaal fair vond ten aanzien van de koeien. Toen ontdekte ik dat de Aldi wel fair trade hagelslag zonder melk van een ander merk heeft en moest ik daarheen van mezelf. Ik trof er inderdaad tussen alle bagger fair trade hagelslag aan. Maar dit was niets vergeleken bij de oude hagelslag van Fairtrade zelf. Dit was verstandige hagelslag, te klein en met te veel cacao, het snoeperige was er helemaal vanaf. Dat je bijna denkt: dan neem ik wel een broodje sla. Dus toen was ik de keer erna weer bij de Albert Heijn en wilde ik de huismerk pure hagelslag in mijn mandje leggen, maar ik bedacht me. Ik redeneerde als volgt: als ik dan toch zondig kan ik net zo goed op meerdere fronten tegelijk zondigen (niet fair trade én veel lucht) en vlokken nemen. Dus mocht ik ineens vlokken! (Bedankt nog Fairtrade, voor het toevoegen van de melk in jullie hagelslag.)

Maar wat ik vreesde gebeurde: het pak raakte erg snel leeg. Ofwel je doet er te weinig van op je broodje, ofwel de pakken onethisch broodbeleg zijn niet aan te slepen. En dat mag natuurlijk niet elke keer. Dus toen er één vlok bij het strooien in de gootsteen belandde, spoelde ik die af en at ik hem alsnog op. En dus kan ik jullie nu vertellen: het natte van de vlok is geen match met het knapperige, het blijft naast elkaar bestaan maar het wordt geen geheel. En het is ook nog maar de vraag of het de boel ten goede zou komen als het dat wel werd.

Ruzies die je niet raken

Dat ruzies die je niet echt raken heel vermoeiend zijn, niet op een emotionele manier maar wel qua volume, qua ritme, qua alles. Ook qua dat je beseft dat je er beter niet bij had kunnen zijn, liever iets anders had willen doen. Zelfs deuren in de grondverf zetten was een leukere besteding van je tijd geweest, en dat is het niet zo snel.

Costa

Ooit was ik figurant in Costa. Er werd een scène opgenomen in mijn dorp, en ik was 18 dus ik wilde op tv. Wat ik er nog van weet is dat een van de figuranten in een kooi mocht dansen in latex. Ik niet, ik heb alleen op de achtergrond gedanst. Ik wilde niet in die kooi, dat hele latex sprak me al niet aan. Ik werd ook niet gevraagd trouwens. Je moest zelf al iets opvallends aan hebben om eruit gepikt te worden. Ook al kreeg je daarna de latex van de organisatie.

Een van de acteurs was niet tevreden over het meisje wat hij onderspoot met champagne, dus zij werd gewisseld. En we kregen koude pasta in een bus, of pasta in een koude bus, dat wil ik kwijt zijn. We moesten in elk geval in een bus wachten omdat we op de set te veel lawaai zouden maken. In mijn herinnering was de pasta koud, maar als ik er nu over nadenk zal dat vast niet het geval zijn geweest. Het zal dus wel de bus zijn geweest, of de algehele ervaring.

Mijn agenda

Het is eind november, en mijn agenda begint moe te worden. De kartonnen hoekjes van de kaft zijn al niet zo hoekig meer en een beetje naar binnen gevouwen. Overal staan snel neergekladde aantekeningen, wat ik in het begin van het jaar altijd weet te vermijden (‘ik zoek even een papiertje – moment’). Hij wordt ook steeds dikker, zou dat echt van de inkt zijn? Hij loopt op zijn tandvlees, maar hij moet nog even.

Ongezellig

Hoe ik heel erg oké was met mezelf vandaag, maar echt oké, op een fijne, rustige manier. Hoe mijn vriend thuiskwam en zei: gisteren was het niet goed met je, maar vandaag ben je ook wel erg ongezellig.

 

Ik ben Janneke en ik heb hoge verwachtingen. Van mezelf én van het leven. Hoe dat iedere keer weer tegenvalt, lees je hier.

Categorie

Archief

Categorie: Tegenvallers

In de lucht likken

’s Ochtends bij het ontbijt verzamelen mijn katten zich altijd om mij heen. Nu klinkt het alsof ik er twaalf heb, was dat maar waar, het zijn er twee. Ze doen dat niet alleen (lees:niet) omdat ze mij zo lief vinden, maar omdat ze van boter houden. Dat geef ik ze ook altijd, omdat anders echt zou blijken dat ze niet komen als ze geen boter krijgen. Dus doe ik braaf twee likjes boter aan twee van mijn vingers, aan elke hand eentje, want als ze te dicht bij elkaar zijn krijgt de leukste altijd klappen. Daarna reik ik de boter uit.

Mijn katten pakken het vervolgens erg verschillend aan. De leuke is van de snelle aanpak: als ik iets aan mijn vinger doe, ook als het iets is wat ze nog niet kent, begint ze in de lucht alvast te likken zodat ze zodra haar tong mijn vinger raakt al goed op snelheid is. Ze gaat er als het ware vanuit dat het wel lekker zal zijn, dat ik het niet voor niets aan mijn vinger doe. De minder leuke is kritischer. Die ruikt eerst even kritisch aan mijn vinger: Is dit wat ik ervan had verwacht? Is dit waar ik op dit moment behoefte aan heb? Maar boter is altijd goed, dus ook zij begint te likken. Ze likt veel langzamer, het is echt een project bij haar. En zoals mijn vriend nooit van een vork of lepel wil eten die ik al heb gebruikt (wat ik altijd onzin vind omdat we ook regelmatig zoenen – niet echt regelmatig, geen gezette tijden), en dan alleen het deel eraf eet dat de vork/lepel niet raakt, wil deze kat mijn vinger net niet aanraken. Ze likt dus de buitenkant van het klontje boter eraf.

De leuke kat is inmiddels al lang klaar, die heeft het met snelle likjes weggewerkt terwijl ze ondertussen nog extra adem door haar neus naar binnen trok, waardoor het heerlijk klonk. Een soort omgekeerd snurken van genot, ik krijg inmiddels ook bijna zin in losse boter. Ze kan niet wachten om het restje aan mijn andere vinger ook op te likken. Dus kruis ik mijn handen en laat ik de leuke kat het restje oplikken en de andere aan mijn lege vinger ruiken. Zodra ik dat doe wordt de minder leuke kat echter meteen jaloers: ineens wil ze het restje dat ze zelf niet wilde hebben toch, ze wil wat die ander heeft.

Ik ben bang dat ik het meest op die kat lijk.

Zien hoe leuk je vriend is

Dat je toch altijd hoopt dat andere mensen zien hoe leuk je vriend is. Soms voel je dat je in een omgeving bent waar mensen dat niet vinden, of niet per se. Dan wil je het extra graag. Maar soms geven ze hem geen kans en dan zien ze het niet. Pech voor hen, zou je zeggen. Maar volgens mij is het echte probleem dat je door hun ogen mee gaat kijken, en dat je het dan zelf even niet meer ziet. Wat was er ook alweer zo leuk aan hem? Hij is inderdaad wat stil nu. Misschien komt dat ook omdat ik al een tijdje niks tegen hem heb gezegd en het erg leuk heb met die andere mensen, terwijl hij niemand kent hier?

Weer een droom

Ik droomde vannacht dat er toch nog een aflevering van Ik vertrek bleek te zijn die we nog niet hadden gezien. Zodra ik wakker werd gingen mijn emoties heel snel over van blijdschap in teleurstelling in schaamte.

Sport kijken

Als ik geen sport kijk vind ik het goed dat ik geen sport kijk: het kost veel tijd die ik niet heb, van een afstand zie ik dat het verspilling is van die tijd. Dat je beter zelf kunt gaan sporten of iets doen of maken. Maar zodra ik het kijk, verandert mijn hele kader en voelt het wezenlijk, komt het me ineens absurd voor om die mensen te laten sporten zonder dat ik ze volg.

Het allerleukste is het om iets te volgen, zoals bij een EK of WK. Het is van belang dat ik er weer bij ben de volgende keer, zo voelt het. Dat kan nét het verschil maken. Ik kan me dan bijna lichamelijk verheugen: er was iets leuks binnenkort, o ja, de kwartfinale! Hetzelfde gevoel als wanneer ik vroeger bijna jarig was. Ik vergeet nooit meer dat we in Frankrijk op de camping stonden en in onze stilstaande auto radio gingen luisteren om te horen hoe Ron Zwerver de volleybalfinale op de Olympische Spelen voor ons won. Ja, hij was heel lang (dat is hij waarschijnlijk nog steeds), maar hij deed het toch maar mooi!

Maar ook de halve finale van het EK in 2000 blijft me altijd bij: ‘s Middags had ik mijn middelbare schooldiploma uitgereikt gekregen en een paar uur later zat mijn familie binnen voor de tv terwijl ik in de tuin stond, eerst omdat ik de penalty’s te spannend vond en nadat we ze hadden verloren omdat ik me schaamde voor mijn tranen. Dat is wel een belangrijk verschil met jarig zijn, wat tot nu toe altijd lukte: de mogelijk verdrietige afloop. Het kan je stemming behoorlijk bederven. Dan voel je ook meteen weer de willekeur, van iemand volgen omdat hij zo nodig in hetzelfde land is geboren.

Wat dat betreft zijn series een veiligere gok. Daar heb je ook het leuke gevoel van ‘iets volgen’, zonder de kans op verliezen. Hoewel zo’n serie op een gegeven moment wel stopt, en dan overvalt me ook altijd een raar soort verdriet: niet alleen omdat ik het jammer vind, maar ook omdat het me doet beseffen dat het maar een serie was. Met terugwerkende kracht is het dan toch nog tijdverspilling.

‘Gooi je haar eens los’

Sommige mensen zeggen: gooi je haar eens los. Dat zeggen ze echt. Sommige mensen zeggen ook dat mijn stijfheid mijn kracht is. Ik wil mezelf niet analyseren. Geef mij iemand anders met een probleem, dan ben ik er voor diegene, dat kan ik goed. Mijn eigen problemen zijn zo voorspelbaar, als een stom liedje dat te vaak op de radio is.

Doe mij maar mensen die zelfmoord willen plegen en dat ik dan kan zeggen dat het echt niet zo erg is als het lijkt allemaal. Dat ik het begrijp hoor, hoe erg het lijkt. Maar dat het dat toch niet is. Dat de wereld er overmorgen weer anders uitziet.

Als mijn vriend eens somber is vervagen mijn eigen problemen direct, daar hoeft hij niet eens dood voor te willen. Dat wil hij ook nooit. Hij redt zich altijd wel, ik hoef zelden voor hem te zorgen. Was mijn vriend maar wat labieler, dan was ik zo veel sterker. Verder is hij perfect, ik wil hem graag houden. Misschien toch maar eens rondkijken op secondlove.nl: ik zoek een minnaar die soms zelfmoord wil plegen.

Afgespoelde vlokken

Sinds vanochtend weet ik dat afgespoelde vlokken niet lekker zijn.

Aan deze conclusie is nogal wat voorafgegaan. Toen ik vlokken op mijn broodje strooide, viel er namelijk eentje in de gootsteen. En hoewel ik mijn eigen gootsteen, in tegenstelling tot die van andere mensen, gevoelsmatig nooit heel vies vind, ben ik me er wel van bewust dat daar waarschijnlijk allerlei bacteriën in rondwaren, misschien ook wel in tegenstelling tot bij andere mensen want wij maken niet zo vaak schoon. Het allergoorste vind ik het putje leeghalen bij andere mensen. Als je weet wat er in het putje zit omdat je het zelf ook deels hebt gegeten is het al smerig, laat staan als je niet weet wat er aan je vingers blijft kleven. Maar er viel een vlok in mijn gootsteen, dat vond ik zonde dus spoelde ik hem af en at ik hem alsnog op.

Ik vond het zonde om hem weg te gooien omdat je bij vlokken toch al niet zo veel waar voor je geld krijgt. Er zit vooral lucht in het pak, de kracht van vlokken is tegelijkertijd hun zwakte. Daarom koos ik eerder altijd voor het redelijkere hagelslag: iets minder lekker maar je krijgt wel de hoeveelheid die het pak belooft. De pure hagelslag van Fairtrade hadden wij altijd, totdat ze daar ineens melk in gingen stoppen en ik dat niet helemaal fair vond ten aanzien van de koeien. Toen ontdekte ik dat de Aldi wel fair trade hagelslag zonder melk van een ander merk heeft en moest ik daarheen van mezelf. Ik trof er inderdaad tussen alle bagger fair trade hagelslag aan. Maar dit was niets vergeleken bij de oude hagelslag van Fairtrade zelf. Dit was verstandige hagelslag, te klein en met te veel cacao, het snoeperige was er helemaal vanaf. Dat je bijna denkt: dan neem ik wel een broodje sla. Dus toen was ik de keer erna weer bij de Albert Heijn en wilde ik de huismerk pure hagelslag in mijn mandje leggen, maar ik bedacht me. Ik redeneerde als volgt: als ik dan toch zondig kan ik net zo goed op meerdere fronten tegelijk zondigen (niet fair trade én veel lucht) en vlokken nemen. Dus mocht ik ineens vlokken! (Bedankt nog Fairtrade, voor het toevoegen van de melk in jullie hagelslag.)

Maar wat ik vreesde gebeurde: het pak raakte erg snel leeg. Ofwel je doet er te weinig van op je broodje, ofwel de pakken onethisch broodbeleg zijn niet aan te slepen. En dat mag natuurlijk niet elke keer. Dus toen er één vlok bij het strooien in de gootsteen belandde, spoelde ik die af en at ik hem alsnog op. En dus kan ik jullie nu vertellen: het natte van de vlok is geen match met het knapperige, het blijft naast elkaar bestaan maar het wordt geen geheel. En het is ook nog maar de vraag of het de boel ten goede zou komen als het dat wel werd.

Ruzies die je niet raken

Dat ruzies die je niet echt raken heel vermoeiend zijn, niet op een emotionele manier maar wel qua volume, qua ritme, qua alles. Ook qua dat je beseft dat je er beter niet bij had kunnen zijn, liever iets anders had willen doen. Zelfs deuren in de grondverf zetten was een leukere besteding van je tijd geweest, en dat is het niet zo snel.

Costa

Ooit was ik figurant in Costa. Er werd een scène opgenomen in mijn dorp, en ik was 18 dus ik wilde op tv. Wat ik er nog van weet is dat een van de figuranten in een kooi mocht dansen in latex. Ik niet, ik heb alleen op de achtergrond gedanst. Ik wilde niet in die kooi, dat hele latex sprak me al niet aan. Ik werd ook niet gevraagd trouwens. Je moest zelf al iets opvallends aan hebben om eruit gepikt te worden. Ook al kreeg je daarna de latex van de organisatie.

Een van de acteurs was niet tevreden over het meisje wat hij onderspoot met champagne, dus zij werd gewisseld. En we kregen koude pasta in een bus, of pasta in een koude bus, dat wil ik kwijt zijn. We moesten in elk geval in een bus wachten omdat we op de set te veel lawaai zouden maken. In mijn herinnering was de pasta koud, maar als ik er nu over nadenk zal dat vast niet het geval zijn geweest. Het zal dus wel de bus zijn geweest, of de algehele ervaring.

Mijn agenda

Het is eind november, en mijn agenda begint moe te worden. De kartonnen hoekjes van de kaft zijn al niet zo hoekig meer en een beetje naar binnen gevouwen. Overal staan snel neergekladde aantekeningen, wat ik in het begin van het jaar altijd weet te vermijden (‘ik zoek even een papiertje – moment’). Hij wordt ook steeds dikker, zou dat echt van de inkt zijn? Hij loopt op zijn tandvlees, maar hij moet nog even.

Ongezellig

Hoe ik heel erg oké was met mezelf vandaag, maar echt oké, op een fijne, rustige manier. Hoe mijn vriend thuiskwam en zei: gisteren was het niet goed met je, maar vandaag ben je ook wel erg ongezellig.

 

Wil je Janneke boeken voor een optreden, presentatie of workshop of heb je een andere vraag?
Neem dan contact op met Theaterbureau De Mannen:

info@theaterbureaudemannen.nl
020-3034721

Meld je aan voor nieuws:

Foto’s: Bas Losekoot | Vormgeving: Scherp Ontwerp | Website: Sanne Groot
privacyverklaring