blog pagina janneke de bijl hoge verwachtingen

Ik ben Janneke en ik heb hoge verwachtingen, van mezelf én van het leven. Hoe dat elke keer weer tegenvalt, lees je hier.

Categorie

archief

Categorie: Meevallers noch tegenvallers

Een echt matras

Dat een matras kopen samen een leuk uitje is. In een winkel op een bed liggen is een unieke ervaring. Eigenlijk wilde ik mijn schoenen uitdoen, omdat ik dat ook zelden doe in winkels en dat het geheel dus nog specialer zou maken, maar helaas hadden ze een soort beschermende rubberen lapjes waardoor dat niet hoefde. Extra jammer was dat je daardoor vervolgens de hele tijd op moest letten of je wel goed op de lapjes bleef met je schoenen. En dat de verkopers ons allebei aankeken werkte ook niet bevorderlijk voor het ontspannen gevoel.

Het is leuk om samen iets groots te kopen voor de komende 10 jaar (waarschijnlijk 20 bij ons, wij verschonen ons bed ook veel minder vaak dan andere mensen beweren over hun eigen bed – en aan de term ‘beweren’ kun je aflezen dat ik hoop dat andere mensen hierover bluffen zodat wij niet echt veel smeriger zijn dan zij, hooguit eerlijker). Ik vind het wel zorgelijk dat we ineens een echt matras wilden, een dure. ‘Want een goede nachtrust is toch wel erg belangrijk’, hoorde ik mezelf zeggen. Vijf jaar geleden lachte ik mensen uit die zulke dingen beweerden, zoals ik mensen met een droger of een carport stiekem nog steeds een beetje uitlach (niet hardop, daarvoor ken ik er te veel). Straks worden wij per ongeluk ook heel saai en burgerlijk, of misschien zijn we dat al.

Het is net als met dement worden: het is alleen de overgang die confronterend is. Over vijf jaar ben ik waarschijnlijk enorm in mijn nopjes met mijn nieuwe droger en zeg ik dingen als ‘Het is zo makkelijk! En je hoeft ook niet meer te strijken.’ Ook al strijk ik nu ook al nooit. En dan haal ik het kreukloze hoeslaken uit de droger en doe ik hem direct over het dan alweer half-oude matras. Elke week, want daarin verander ik hopelijk ook.

Wekker

Ik zet altijd een wekker, ook als ik vakantie heb. Sommige mensen vinden dat raar. Ik vind het raar dat zij hun dag zo laten bepalen door het lot. Dan kun je net zo goed meteen je hele leven uit handen geven en net als Eddie uit Vrienden voor het Leven een keer deed, steeds een dobbelsteen gooien om te bepalen wat je gaat doen of zeggen.

Maar het is wel vakantie nu. Ik ‘blader’ door de wekker, wil hem op 8:45 zetten omdat je dan wel net even dat extraatje hebt (geen 8 uur of half 9), maar ook niet zo veel tijd verspilt als je zou doen door pas om 9 uur op te staan. Bij het bladeren ga ik per ongeluk door naar 8:46. Ik wil nu eigenlijk de 59 minuten weer helemaal door, maar besluit het zo te laten dit keer. Het is per slot van rekening vakantie. Living on the edge of kwart voor negen.

Valentijnsdag

Dat ik niks aan Valentijnsdag heb gedaan en merkte dat ik me daar nogal mee identificeer. Ik vind Valentijnsdag onzin en dat maakt mij blijkbaar Janneke. Net als dat ik niet getrouwd ben, daar identificeer ik me ook mee. Terwijl ik, toen iemand me laatst vroeg wat ik zou zeggen als ik ten huwelijk zou worden gevraagd, tot mijn spijt concludeerde dat het eerlijke antwoord toch echt ‘ja’ was.

Met sommige andere aspecten van mezelf identificeer ik me juist helemaal niet, bijvoorbeeld met het feit dat ik tennis. Ik tennis wel maar ben zeker geen tennis-iemand. Toen ik vroeger voetbalde voelde ik me wel een voetballer, hoewel ik er de conditie niet voor had. Zo leef ik ook al jaren veganistisch maar ben ik niet graag een veganist. Comedian voel ik mij ook nooit, schrijver wel. En juf, als juf ben ik denk ik geboren.

 

Thuisbril

Als de bel gaat, zet ik altijd snel mijn bril af. De postbode mag hem niet zien, dat vind ik niet mooi. Zeker niet mijn ‘thuisbril’: de suffe rode metalen met neussteuntjes, die nou eenmaal lekkerder zit dan die andere hippere die zwaar is en waarbij het voelt alsof ik mijn hoofd de hele dag zo breed mogelijk moet maken om ervoor te zorgen dat hij blijft zitten. Daar krijg ik een soort hoofd-spierpijn van.

Mijn moeder gaat ook nooit naar buiten of op de foto met bril op. Ik wil niet zo worden, ik wil me graag vrij voelen van schaamte. De laatste tijd probeer ik aardiger voor mezelf te zijn. Maar is het nou aardiger voor mezelf om mijn bril op te houden terwijl ik me eigenlijk schaam, of is het aardiger om aan de schaamte toe te geven en in sommige opzichten net zoals mijn moeder te mogen worden?

Plassen in de trein

Ik moest plassen in de trein, maar hij stond nog stil op een station. Ik weet dat het dan eigenlijk niet mag, dus besloot te wachten tot hij weer zou gaan rijden. Ik ging wel alvast het hokje in, deed mijn broek omlaag en ging boven de pot hangen (ik ga nooit zitten op zulke wc’s). Maar toen ik eenmaal in die houding hing en de pot onder me zag, kon ik niet meer wachten met plassen. Nu ik er zo dichtbij was móest het echt.

En toen besefte ik: dit is precies hetzelfde gevoel als ik altijd heb wanneer ik eindelijk vakantie heb en daar enorm naar heb toegeleefd. Als het dan zover is denk ik altijd: ik had écht niet nog een dag langer kunnen doorwerken.

Viral gaan

Dat ik ook zo graag viral wil gaan, maakt eigenlijk niet uit waarmee. Hoewel, liever niet met een seksfilmpje. Tenzij er echt een goeie grap zit aan het eind.

Oude bril

Ik heb net mijn oude bril in de prullenbak gegooid. Dat voelde nogal drastisch, terwijl hij onherstelbaar stuk was en het dus niet echt een risico te noemen was. Misschien ontstond het dramatische gevoel doordat ik nog nooit eerder een bril in een prullenbak heb gegooid. Maar ik draag ook niet meer dezelfde bril als toen ik vier was. En voor zover ik weet ligt er ook niet ergens een stapeltje brillen. Dan moeten ze dus verspreid liggen, maar in dat geval zou je denken dat ik regelmatig op een oude bril stuit, en dat is ook niet zo. Ik heb verder geen oplossing voor deze kwestie.

Oud

Als je aan een andere vrouw vertelt dat je vriend 1 keer per week kookt en zij reageert met ‘wat heerlijk voor je!’, dan weet je dat je met een oud iemand praat.

Een euro voor Niek

Het gezin dat regelmatig op onze hond past wil daar geen geld voor, alleen een euro voor in de spaarpot van Niek, hun zoon. Dat geef ik nu steeds, maar ik ben bang dat ik het een keer vergeet. Ik moest namelijk ineens weer denken aan mijn opa, die vroeger als hij wegging altijd een hand gaf waar dan een munt van 5 in verstopt zat. Ik weet nog dat hij het een keer vergat, en dat ik dat heel jammer vond. Vervolgens was ik boos op mezelf: je mag natuurlijk nooit cadeaus verwachten. Ik moest van mezelf blij zijn met mijn opa’s hand, met of zonder munt.

Daarom zorg ik er nu bij Niek voor dat ik het nooit vergeet. Hij rekent er waarschijnlijk op. Ik vind het geen ramp als hij uiteindelijk een euro minder in zijn spaarpot heeft, maar ik wil niet dat hij zich een slecht iemand gaat voelen omdat hij daar van zichzelf niet van mag balen.

‘Liefs’

Dat er ‘liefs’ stond onder een mailtje van mijn impresariaat. Dat ik dat altijd lastig vind. Omdat ik niet demonstratief afstandelijk wil doen, maar ‘liefs’ niet bij mij past. Ik strooi daar niet mee, zeker niet bij mensen die ik maar een paar keer per jaar zie en dat de gesprekken dan ook nog over geld gaan. Dus kies ik meestal voor ‘groetjes’, omdat dat iets vriendelijker klinkt dan ‘groet’ of ‘met vriendelijke groet’. (Mijn vriend sluit zijn mails naar mij nog steeds af met ‘groeten’, en daar schrik ik toch elke keer weer van. Ik weet dat het niks betekent, maar vraag me dan toch altijd heel even af of we misschien een ruzie hebben gehad die ik ben vergeten.)

Ik ga dus voor ‘groetjes’. Maar als de ander al ‘liefs’ heeft gezegd voelt dat toch een beetje als een statement. Alsof ik die ander op zijn vingers tik omdat hij te amicaal is geweest, terwijl dat helemaal niet de bedoeling is. Ik vind het niet erg om liefs te kríjgen, ik gééf ze alleen niet zomaar. Als ik ze wel teruggeef voel ik me hypocriet én ben ik bang dat het mijn impresariaat gaat opvallen dat ik normaal altijd ‘groetjes’ doe en nu zij ‘liefs’ doen ineens ook met ‘liefs’ aan kom zetten. Hoe nep kun je zijn? En wat doe ik dan de volgende keer? Als je teruggaat naar ‘groetjes’ lijkt de stemming enorm te zijn bekoeld.

Ik besluit voor een compromis te gaan en typ ‘groetjes!’ terug. Met uitroepteken. Hopelijk is de overgang terug naar ‘groetjes’ nu nog wel mogelijk de volgende keer.

Categorie

archief

Categorie: Meevallers noch tegenvallers

Een echt matras

Dat een matras kopen samen een leuk uitje is. In een winkel op een bed liggen is een unieke ervaring. Eigenlijk wilde ik mijn schoenen uitdoen, omdat ik dat ook zelden doe in winkels en dat het geheel dus nog specialer zou maken, maar helaas hadden ze een soort beschermende rubberen lapjes waardoor dat niet hoefde. Extra jammer was dat je daardoor vervolgens de hele tijd op moest letten of je wel goed op de lapjes bleef met je schoenen. En dat de verkopers ons allebei aankeken werkte ook niet bevorderlijk voor het ontspannen gevoel.

Het is leuk om samen iets groots te kopen voor de komende 10 jaar (waarschijnlijk 20 bij ons, wij verschonen ons bed ook veel minder vaak dan andere mensen beweren over hun eigen bed – en aan de term ‘beweren’ kun je aflezen dat ik hoop dat andere mensen hierover bluffen zodat wij niet echt veel smeriger zijn dan zij, hooguit eerlijker). Ik vind het wel zorgelijk dat we ineens een echt matras wilden, een dure. ‘Want een goede nachtrust is toch wel erg belangrijk’, hoorde ik mezelf zeggen. Vijf jaar geleden lachte ik mensen uit die zulke dingen beweerden, zoals ik mensen met een droger of een carport stiekem nog steeds een beetje uitlach (niet hardop, daarvoor ken ik er te veel). Straks worden wij per ongeluk ook heel saai en burgerlijk, of misschien zijn we dat al.

Het is net als met dement worden: het is alleen de overgang die confronterend is. Over vijf jaar ben ik waarschijnlijk enorm in mijn nopjes met mijn nieuwe droger en zeg ik dingen als ‘Het is zo makkelijk! En je hoeft ook niet meer te strijken.’ Ook al strijk ik nu ook al nooit. En dan haal ik het kreukloze hoeslaken uit de droger en doe ik hem direct over het dan alweer half-oude matras. Elke week, want daarin verander ik hopelijk ook.

Wekker

Ik zet altijd een wekker, ook als ik vakantie heb. Sommige mensen vinden dat raar. Ik vind het raar dat zij hun dag zo laten bepalen door het lot. Dan kun je net zo goed meteen je hele leven uit handen geven en net als Eddie uit Vrienden voor het Leven een keer deed, steeds een dobbelsteen gooien om te bepalen wat je gaat doen of zeggen.

Maar het is wel vakantie nu. Ik ‘blader’ door de wekker, wil hem op 8:45 zetten omdat je dan wel net even dat extraatje hebt (geen 8 uur of half 9), maar ook niet zo veel tijd verspilt als je zou doen door pas om 9 uur op te staan. Bij het bladeren ga ik per ongeluk door naar 8:46. Ik wil nu eigenlijk de 59 minuten weer helemaal door, maar besluit het zo te laten dit keer. Het is per slot van rekening vakantie. Living on the edge of kwart voor negen.

Valentijnsdag

Dat ik niks aan Valentijnsdag heb gedaan en merkte dat ik me daar nogal mee identificeer. Ik vind Valentijnsdag onzin en dat maakt mij blijkbaar Janneke. Net als dat ik niet getrouwd ben, daar identificeer ik me ook mee. Terwijl ik, toen iemand me laatst vroeg wat ik zou zeggen als ik ten huwelijk zou worden gevraagd, tot mijn spijt concludeerde dat het eerlijke antwoord toch echt ‘ja’ was.

Met sommige andere aspecten van mezelf identificeer ik me juist helemaal niet, bijvoorbeeld met het feit dat ik tennis. Ik tennis wel maar ben zeker geen tennis-iemand. Toen ik vroeger voetbalde voelde ik me wel een voetballer, hoewel ik er de conditie niet voor had. Zo leef ik ook al jaren veganistisch maar ben ik niet graag een veganist. Comedian voel ik mij ook nooit, schrijver wel. En juf, als juf ben ik denk ik geboren.

 

Thuisbril

Als de bel gaat, zet ik altijd snel mijn bril af. De postbode mag hem niet zien, dat vind ik niet mooi. Zeker niet mijn ‘thuisbril’: de suffe rode metalen met neussteuntjes, die nou eenmaal lekkerder zit dan die andere hippere die zwaar is en waarbij het voelt alsof ik mijn hoofd de hele dag zo breed mogelijk moet maken om ervoor te zorgen dat hij blijft zitten. Daar krijg ik een soort hoofd-spierpijn van.

Mijn moeder gaat ook nooit naar buiten of op de foto met bril op. Ik wil niet zo worden, ik wil me graag vrij voelen van schaamte. De laatste tijd probeer ik aardiger voor mezelf te zijn. Maar is het nou aardiger voor mezelf om mijn bril op te houden terwijl ik me eigenlijk schaam, of is het aardiger om aan de schaamte toe te geven en in sommige opzichten net zoals mijn moeder te mogen worden?

Plassen in de trein

Ik moest plassen in de trein, maar hij stond nog stil op een station. Ik weet dat het dan eigenlijk niet mag, dus besloot te wachten tot hij weer zou gaan rijden. Ik ging wel alvast het hokje in, deed mijn broek omlaag en ging boven de pot hangen (ik ga nooit zitten op zulke wc’s). Maar toen ik eenmaal in die houding hing en de pot onder me zag, kon ik niet meer wachten met plassen. Nu ik er zo dichtbij was móest het echt.

En toen besefte ik: dit is precies hetzelfde gevoel als ik altijd heb wanneer ik eindelijk vakantie heb en daar enorm naar heb toegeleefd. Als het dan zover is denk ik altijd: ik had écht niet nog een dag langer kunnen doorwerken.

Viral gaan

Dat ik ook zo graag viral wil gaan, maakt eigenlijk niet uit waarmee. Hoewel, liever niet met een seksfilmpje. Tenzij er echt een goeie grap zit aan het eind.

Oude bril

Ik heb net mijn oude bril in de prullenbak gegooid. Dat voelde nogal drastisch, terwijl hij onherstelbaar stuk was en het dus niet echt een risico te noemen was. Misschien ontstond het dramatische gevoel doordat ik nog nooit eerder een bril in een prullenbak heb gegooid. Maar ik draag ook niet meer dezelfde bril als toen ik vier was. En voor zover ik weet ligt er ook niet ergens een stapeltje brillen. Dan moeten ze dus verspreid liggen, maar in dat geval zou je denken dat ik regelmatig op een oude bril stuit, en dat is ook niet zo. Ik heb verder geen oplossing voor deze kwestie.

Oud

Als je aan een andere vrouw vertelt dat je vriend 1 keer per week kookt en zij reageert met ‘wat heerlijk voor je!’, dan weet je dat je met een oud iemand praat.

Een euro voor Niek

Het gezin dat regelmatig op onze hond past wil daar geen geld voor, alleen een euro voor in de spaarpot van Niek, hun zoon. Dat geef ik nu steeds, maar ik ben bang dat ik het een keer vergeet. Ik moest namelijk ineens weer denken aan mijn opa, die vroeger als hij wegging altijd een hand gaf waar dan een munt van 5 in verstopt zat. Ik weet nog dat hij het een keer vergat, en dat ik dat heel jammer vond. Vervolgens was ik boos op mezelf: je mag natuurlijk nooit cadeaus verwachten. Ik moest van mezelf blij zijn met mijn opa’s hand, met of zonder munt.

Daarom zorg ik er nu bij Niek voor dat ik het nooit vergeet. Hij rekent er waarschijnlijk op. Ik vind het geen ramp als hij uiteindelijk een euro minder in zijn spaarpot heeft, maar ik wil niet dat hij zich een slecht iemand gaat voelen omdat hij daar van zichzelf niet van mag balen.

‘Liefs’

Dat er ‘liefs’ stond onder een mailtje van mijn impresariaat. Dat ik dat altijd lastig vind. Omdat ik niet demonstratief afstandelijk wil doen, maar ‘liefs’ niet bij mij past. Ik strooi daar niet mee, zeker niet bij mensen die ik maar een paar keer per jaar zie en dat de gesprekken dan ook nog over geld gaan. Dus kies ik meestal voor ‘groetjes’, omdat dat iets vriendelijker klinkt dan ‘groet’ of ‘met vriendelijke groet’. (Mijn vriend sluit zijn mails naar mij nog steeds af met ‘groeten’, en daar schrik ik toch elke keer weer van. Ik weet dat het niks betekent, maar vraag me dan toch altijd heel even af of we misschien een ruzie hebben gehad die ik ben vergeten.)

Ik ga dus voor ‘groetjes’. Maar als de ander al ‘liefs’ heeft gezegd voelt dat toch een beetje als een statement. Alsof ik die ander op zijn vingers tik omdat hij te amicaal is geweest, terwijl dat helemaal niet de bedoeling is. Ik vind het niet erg om liefs te kríjgen, ik gééf ze alleen niet zomaar. Als ik ze wel teruggeef voel ik me hypocriet én ben ik bang dat het mijn impresariaat gaat opvallen dat ik normaal altijd ‘groetjes’ doe en nu zij ‘liefs’ doen ineens ook met ‘liefs’ aan kom zetten. Hoe nep kun je zijn? En wat doe ik dan de volgende keer? Als je teruggaat naar ‘groetjes’ lijkt de stemming enorm te zijn bekoeld.

Ik besluit voor een compromis te gaan en typ ‘groetjes!’ terug. Met uitroepteken. Hopelijk is de overgang terug naar ‘groetjes’ nu nog wel mogelijk de volgende keer.

Wil je Janneke boeken voor een optreden, presentatie of workshop of heb je een andere vraag?
Neem dan contact op met Theaterbureau De Mannen:

info@theaterbureaudemannen.nl
020-3034721

Meld je aan voor nieuws:

Foto’s: Bas Losekoot | Vormgeving: Scherp Ontwerp | Website: Sanne Groot
privacyverklaring