blog pagina janneke de bijl hoge verwachtingen

Ik ben Janneke en ik heb hoge verwachtingen, van mezelf én van het leven. Hoe dat elke keer weer tegenvalt, lees je hier.

Categorie

archief

Categorie: Meevallers noch tegenvallers

Onevenredig

Dat ik soms vind dat er onevenredig veel mensen de trein uit komen wanneer ik op het perron sta te wachten. Dan is het weliswaar een dubbeldekker, maar denk ik toch: dit kan onmogelijk allemaal uit die coupés zijn gekomen. Dat dat me nou echt een goede prank lijkt, om heel veel mensen in zo’n coupé te stouwen (liggend, zittend, onder de banken, in de bagagerekken), die dan allemaal uitstappen op één station, zodat alle instappers aan hun eigen inschattingsvermogen gaan twijfelen. Maar misschien werd die grap dus al met mij uitgehaald.

Zwijntje

Dat we gingen wandelen op de Veluwe en mijn hond toen ineens aan de kont van een ander beest rook. Eerst dacht ik dat het een kat was, maar dat leek me sterk. Daarna dacht ik aan een haas, maar waarom ging die er dan niet vandoor zoals zijn uitdrukking voorschrijft? Toen draaide hij zich om en bleek het een klein zwijntje te zijn. Mijn hond hád het niet meer, dit had hij nog nooit eerder gevangen. Normaal zou hij er met veel plezier achteraan gaan, maar nooit verwachten enigszins in de buurt te komen (dat vind ik juist zo leuk aan hem, het lukken is totaal geen voorwaarde voor lol). Maar nu het eenmaal zover was, had hij geen idee wat hij ermee aan moest. Hij stond erbij en keek ernaar, terwijl het zwijntje rustig wegscharrelde.

Roken

Dat ik mannen veel aantrekkelijker vind als ze roken dan als ze ‘kiekeboe!’ tegen een kind zeggen. Dat ik dat vreemd van mezelf vind, want evolutionair gezien zou ik toch juist opgewonden van die goede, betrokken vaders moeten raken. Maar dat roken, dat doet me veel meer. Iemand die dát durft, díe kan mij beschermen. Zo lang hij leeft dan.

Opbeurend

Dat ik in de bieb aan het werk was, en daarbij aan een grote leestafel zat. Dat zich om die tafel heen vervolgens steeds meer oude mensen verzamelden. Die lazen daar de krant en raakten met elkaar aan de praat. Dat de bejaardentermen me toen om de oren vlogen. In korte tijd kwamen ‘kortademig’, ‘seniorenvereniging’, ‘hartfunctie’, ‘Piet is niet opbeurend’ en ‘vetzuren’ voorbij.

Wanen

Dat onze hond altijd nogal zenuwachtig wordt van op vakantie gaan en we hem daarom angstremmende medicijnen gaven. Dat hij zich toen nog raarder gedroeg dan normaal. Een van de bijwerkingen was dat je er wanen van kon krijgen en die had hij denk ik, want hij probeerde steeds te ontsnappen uit de tuin en dan vond ik hem onderaan de berg terug, waar hij met een verdwaasde blik om zich heen stond te kijken.

Dat hij wel ineens heel aardig was voor onze andere hond, die mocht veel dichterbij komen dan anders zonder daarbij afgesnauwd te worden. Dat ik me toen afvroeg hoe dat kwam: zou hij normaal bang zijn voor de andere hond en was dat nu weg, of had hij een waan waardoor hij er ineens een leuke hond in zag?

VAR

Dat ik bij ‘VAR’ altijd aan Verklaring Arbeidsrelatie moest denken, omdat ik daar als zzp-er mee te maken had, al vóór de invoering van de videoscheids bij voetbal. Toen ik het die lui in zo’n voetbalpraatprogramma voor het eerst over de VAR hoorde hebben, dacht ik nog: waarom maken ze zich zo druk om de betaling van freelance spelers? Die redden zich wel! Later kreeg ik het door en vond ik dat ze erbij zouden moeten zeggen dat het om de voetbal-VAR ging in plaats van om de gewone.

Maar nu ik dat hele WK heb gezien, met al het video-scheidsgedoe, besef ik het pas: Dit is de echte VAR.

Afwachten

Dat ik me afvraag wanneer er een hype komt rondom paddenstoelen, en dan in het bijzonder champignons. Alle soorten eten lijken wel een keer iets geweest te zijn, in positieve of in negatieve zin. Zo moeten pasta en brood het tegenwoordig ontgelden en heeft boerenkool juist een opleving gehad, daar waren toen ook ineens chips van. Quinoa en chiazaad bevatten zo’n beetje alles, schijnt, en kokosvet was eerst de verlosser en is nu weer het kwaad. Maar how about champignons?

Als ik de voedseltrends een beetje begin te doorgronden, komt het er binnenkort aan voor de champignon. Maar of ze bij de goeden of de slechten worden gerekend, dat blijft afwachten.

Rokje

Dat ik met een vriendin in Flensburg was, een stad in Duitsland, en zij in lichte paniek raakte toen ze daar in een parkeergarage moest parkeren. Dat ik haar daarom probeerde gerust te stellen. Dat we toen wel zagen dat er op de eerste verdieping allemaal parkeerplaatsen waren met een poppetje erop met een soort rokje aan. ‘Die zijn voor vrouwen’, zei ik toen voor de grap. Maar volgens mijn vriendin waren ze echt voor vrouwen. Omdat die parkeren zo moeilijk vinden, zei ze, dan hoeven ze minder hoog de garage in. Dat kon ik bijna niet geloven maar ik deed het toch, en ik werd al helemaal boos omdat ik zelf helemaal geen parkeerangst heb (ik ben eerder niet bang genoeg, ik ben namelijk nogal ongeduldig, dus na een tijdje ben ik dat steken echt wel zat. Dit moet maar gewoon passen, denk ik dan. Mijn vriend zegt vaak dat dat mijn grootste probleem (of een van mijn grootste) is, dat ik altijd wil dat de wereld zich aan mij aanpast in plaats van andersom. Maar dat doet de wereld niet.) en me daardoor niet serieus genomen voelde. Is dit nou emancipatie?

Dat het later helemaal niet waar bleek te zijn, de vakken waren ook niet breder dan normaal en er zat niet van dat schuim om de plekken heen zoals je bij een bowlingbaan kunt bestellen voor in de goten. Maar de vakken waren wel speciaal voor vrouwen, met het oog op aanranding en erger, wist mijn vriendin. Dan hoeven ze niet nog verder de garage in en staan ze bij elkaar. Dat ik het rokje op de afbeelding toen nóg vreemder vond. Eigenlijk stond er: trek je wel een rokje aan? Dan zorgen wij dat je niet wordt aangerand.

Afronden

Dat ik er bij het afronden van mijn boek achter kwam dat een bepaald tekstje er helemaal niet in stond. Het was denk ik per ongeluk gesneuveld. Dat ik dat aan mijn redacteur vertelde en zij toen zei: het is wel lastig om het nu nog toe te voegen, maar als je erop staat kan het wel. Maar dat ik toen niet wist of ik erop stond. Dat ik daarna wel dacht: als je niet weet of je ergens op staat, sta je er waarschijnlijk niet op.

Dubbele komma

Dat ik in de afrondende fase van mijn boek zat, en met iemand in discussie raakte over komma’s. Hij vond: tussen twee persoonsvormen moet een komma. Dat vind ik op zich ook wel, dat is volgens mij zelfs de enige echt leidende regel die er over komma’s bestaat, maar in de praktijk vind ik dit vaak toch een minder goed idee. Dan maak ik vrij lange zinnen, en dan horen sommige stukken echt meer bij elkaar dan andere, en de enige manier om dat duidelijk te maken is door alleen op die plekken een komma te zetten. Anders worden het vier gelijkwaardige stukjes, terwijl de zin qua ritme toch echt bedoeld is als een kort begin, een middenstuk dat lekker snel doorgaat, en dan een eindje. Mijn discussiepartner gaf toch de voorkeur aan meer komma’s, met als argument: ik hou van compartimentaliseren. Daar kon ik inkomen, want het is een mooi woord.

Het probleem is volgens mij dat we maar één soort komma’s hebben. Je hebt eigenlijk persoonsvormkomma’s nodig, waarmee je laat merken: ik weet heus wel dat er tussen twee persoonsvormen een komma hoort, en ik help je hiermee om de zin goed te lezen. En je hebt pauze-komma’s nodig, dat zou dan een dubbele komma kunnen zijn, op plekken waar je even iets voor jezelf kunt gaan doen. Daar kun je bijkomen en ademen als je aan het voorlezen bent (als je in stilte leest mag je van mij altijd ademen – dit is trouwens zo’n zin waarbij ik de huidige enkele komma tussen ‘leest’ en ‘mag’ dus too much vind. Maar als er ook dubbele komma’s zouden bestaan,, zou ik daar gerust een enkele willen.).

Categorie

archief

Categorie: Meevallers noch tegenvallers

Onevenredig

Dat ik soms vind dat er onevenredig veel mensen de trein uit komen wanneer ik op het perron sta te wachten. Dan is het weliswaar een dubbeldekker, maar denk ik toch: dit kan onmogelijk allemaal uit die coupés zijn gekomen. Dat dat me nou echt een goede prank lijkt, om heel veel mensen in zo’n coupé te stouwen (liggend, zittend, onder de banken, in de bagagerekken), die dan allemaal uitstappen op één station, zodat alle instappers aan hun eigen inschattingsvermogen gaan twijfelen. Maar misschien werd die grap dus al met mij uitgehaald.

Zwijntje

Dat we gingen wandelen op de Veluwe en mijn hond toen ineens aan de kont van een ander beest rook. Eerst dacht ik dat het een kat was, maar dat leek me sterk. Daarna dacht ik aan een haas, maar waarom ging die er dan niet vandoor zoals zijn uitdrukking voorschrijft? Toen draaide hij zich om en bleek het een klein zwijntje te zijn. Mijn hond hád het niet meer, dit had hij nog nooit eerder gevangen. Normaal zou hij er met veel plezier achteraan gaan, maar nooit verwachten enigszins in de buurt te komen (dat vind ik juist zo leuk aan hem, het lukken is totaal geen voorwaarde voor lol). Maar nu het eenmaal zover was, had hij geen idee wat hij ermee aan moest. Hij stond erbij en keek ernaar, terwijl het zwijntje rustig wegscharrelde.

Roken

Dat ik mannen veel aantrekkelijker vind als ze roken dan als ze ‘kiekeboe!’ tegen een kind zeggen. Dat ik dat vreemd van mezelf vind, want evolutionair gezien zou ik toch juist opgewonden van die goede, betrokken vaders moeten raken. Maar dat roken, dat doet me veel meer. Iemand die dát durft, díe kan mij beschermen. Zo lang hij leeft dan.

Opbeurend

Dat ik in de bieb aan het werk was, en daarbij aan een grote leestafel zat. Dat zich om die tafel heen vervolgens steeds meer oude mensen verzamelden. Die lazen daar de krant en raakten met elkaar aan de praat. Dat de bejaardentermen me toen om de oren vlogen. In korte tijd kwamen ‘kortademig’, ‘seniorenvereniging’, ‘hartfunctie’, ‘Piet is niet opbeurend’ en ‘vetzuren’ voorbij.

Wanen

Dat onze hond altijd nogal zenuwachtig wordt van op vakantie gaan en we hem daarom angstremmende medicijnen gaven. Dat hij zich toen nog raarder gedroeg dan normaal. Een van de bijwerkingen was dat je er wanen van kon krijgen en die had hij denk ik, want hij probeerde steeds te ontsnappen uit de tuin en dan vond ik hem onderaan de berg terug, waar hij met een verdwaasde blik om zich heen stond te kijken.

Dat hij wel ineens heel aardig was voor onze andere hond, die mocht veel dichterbij komen dan anders zonder daarbij afgesnauwd te worden. Dat ik me toen afvroeg hoe dat kwam: zou hij normaal bang zijn voor de andere hond en was dat nu weg, of had hij een waan waardoor hij er ineens een leuke hond in zag?

VAR

Dat ik bij ‘VAR’ altijd aan Verklaring Arbeidsrelatie moest denken, omdat ik daar als zzp-er mee te maken had, al vóór de invoering van de videoscheids bij voetbal. Toen ik het die lui in zo’n voetbalpraatprogramma voor het eerst over de VAR hoorde hebben, dacht ik nog: waarom maken ze zich zo druk om de betaling van freelance spelers? Die redden zich wel! Later kreeg ik het door en vond ik dat ze erbij zouden moeten zeggen dat het om de voetbal-VAR ging in plaats van om de gewone.

Maar nu ik dat hele WK heb gezien, met al het video-scheidsgedoe, besef ik het pas: Dit is de echte VAR.

Afwachten

Dat ik me afvraag wanneer er een hype komt rondom paddenstoelen, en dan in het bijzonder champignons. Alle soorten eten lijken wel een keer iets geweest te zijn, in positieve of in negatieve zin. Zo moeten pasta en brood het tegenwoordig ontgelden en heeft boerenkool juist een opleving gehad, daar waren toen ook ineens chips van. Quinoa en chiazaad bevatten zo’n beetje alles, schijnt, en kokosvet was eerst de verlosser en is nu weer het kwaad. Maar how about champignons?

Als ik de voedseltrends een beetje begin te doorgronden, komt het er binnenkort aan voor de champignon. Maar of ze bij de goeden of de slechten worden gerekend, dat blijft afwachten.

Rokje

Dat ik met een vriendin in Flensburg was, een stad in Duitsland, en zij in lichte paniek raakte toen ze daar in een parkeergarage moest parkeren. Dat ik haar daarom probeerde gerust te stellen. Dat we toen wel zagen dat er op de eerste verdieping allemaal parkeerplaatsen waren met een poppetje erop met een soort rokje aan. ‘Die zijn voor vrouwen’, zei ik toen voor de grap. Maar volgens mijn vriendin waren ze echt voor vrouwen. Omdat die parkeren zo moeilijk vinden, zei ze, dan hoeven ze minder hoog de garage in. Dat kon ik bijna niet geloven maar ik deed het toch, en ik werd al helemaal boos omdat ik zelf helemaal geen parkeerangst heb (ik ben eerder niet bang genoeg, ik ben namelijk nogal ongeduldig, dus na een tijdje ben ik dat steken echt wel zat. Dit moet maar gewoon passen, denk ik dan. Mijn vriend zegt vaak dat dat mijn grootste probleem (of een van mijn grootste) is, dat ik altijd wil dat de wereld zich aan mij aanpast in plaats van andersom. Maar dat doet de wereld niet.) en me daardoor niet serieus genomen voelde. Is dit nou emancipatie?

Dat het later helemaal niet waar bleek te zijn, de vakken waren ook niet breder dan normaal en er zat niet van dat schuim om de plekken heen zoals je bij een bowlingbaan kunt bestellen voor in de goten. Maar de vakken waren wel speciaal voor vrouwen, met het oog op aanranding en erger, wist mijn vriendin. Dan hoeven ze niet nog verder de garage in en staan ze bij elkaar. Dat ik het rokje op de afbeelding toen nóg vreemder vond. Eigenlijk stond er: trek je wel een rokje aan? Dan zorgen wij dat je niet wordt aangerand.

Afronden

Dat ik er bij het afronden van mijn boek achter kwam dat een bepaald tekstje er helemaal niet in stond. Het was denk ik per ongeluk gesneuveld. Dat ik dat aan mijn redacteur vertelde en zij toen zei: het is wel lastig om het nu nog toe te voegen, maar als je erop staat kan het wel. Maar dat ik toen niet wist of ik erop stond. Dat ik daarna wel dacht: als je niet weet of je ergens op staat, sta je er waarschijnlijk niet op.

Dubbele komma

Dat ik in de afrondende fase van mijn boek zat, en met iemand in discussie raakte over komma’s. Hij vond: tussen twee persoonsvormen moet een komma. Dat vind ik op zich ook wel, dat is volgens mij zelfs de enige echt leidende regel die er over komma’s bestaat, maar in de praktijk vind ik dit vaak toch een minder goed idee. Dan maak ik vrij lange zinnen, en dan horen sommige stukken echt meer bij elkaar dan andere, en de enige manier om dat duidelijk te maken is door alleen op die plekken een komma te zetten. Anders worden het vier gelijkwaardige stukjes, terwijl de zin qua ritme toch echt bedoeld is als een kort begin, een middenstuk dat lekker snel doorgaat, en dan een eindje. Mijn discussiepartner gaf toch de voorkeur aan meer komma’s, met als argument: ik hou van compartimentaliseren. Daar kon ik inkomen, want het is een mooi woord.

Het probleem is volgens mij dat we maar één soort komma’s hebben. Je hebt eigenlijk persoonsvormkomma’s nodig, waarmee je laat merken: ik weet heus wel dat er tussen twee persoonsvormen een komma hoort, en ik help je hiermee om de zin goed te lezen. En je hebt pauze-komma’s nodig, dat zou dan een dubbele komma kunnen zijn, op plekken waar je even iets voor jezelf kunt gaan doen. Daar kun je bijkomen en ademen als je aan het voorlezen bent (als je in stilte leest mag je van mij altijd ademen – dit is trouwens zo’n zin waarbij ik de huidige enkele komma tussen ‘leest’ en ‘mag’ dus too much vind. Maar als er ook dubbele komma’s zouden bestaan,, zou ik daar gerust een enkele willen.).

Wil je Janneke boeken voor een optreden, presentatie of workshop of heb je een andere vraag?
Neem dan contact op met Theaterbureau De Mannen:

info@theaterbureaudemannen.nl
020-3034721

Meld je aan voor nieuws:

Foto’s: Bas Losekoot | Vormgeving: Scherp Ontwerp | Website: Sanne Groot
privacyverklaring