top of page
Brandnetels (c) Anne van Zantwijk_header.jpg

Hoge verwachtingen

Janneke heeft hoge verwachtingen, van zichzelf én van het leven. Hoe dat elke keer weer tegenvalt, lees je hier.

Dat ik gisteren weinig heb meegemaakt, ik was vooral bezig met mijn legpuzzel. Maar om nou op te schrijven dat ik toen de lucht af was aan de olifanten ben begonnen en dat dat eigenlijk best wel opschoot, dat gaat me te ver.

Dat ik wel steeds twijfel over hoe erg het is als er aan het eind stukjes blijken te missen (ik haal ze bij de Kringloop en soms missen er wel acht). Als het dan nutteloos voelt dat je hem hebt gemaakt, is een legpuzzel misschien sowieso al niet de juiste keuze: ook affe puzzels dragen weinig bij. Maar om nou te zeggen dat het totaal niet geeft, dat klopt ook weer niet. Er zal toch ergens een soort grens zijn. Als er maar drie stukjes in de doos zouden zitten, terwijl het een puzzel van 1000 is, dan heb je echt te weinig te doen en is de kans dat ze aan elkaar passen ook miniem.

Dat ik me nu steeds als ik de hond uitlaat extreem bewust ben van wat ik allemaal aanraak. Sowieso de riem, en ik moet de poep opruimen dus dan raak ik dat zakje ook aan. Mijn eigen zakje, maar toch. Dat ik voor de zekerheid probeer mijn gezicht een beetje onaangeroerd te laten tijdens zo’n rondje. Maar dat ik dat nog best lastig vind, ineens krijg ik dan overal jeuk.

Dat ik er nu ook achter kom dat ik normaal altijd mijn duim en wijsvinger natmaak om het poepzakje makkelijker open te krijgen. Dat wilde ik nu dus niet doen. Dat ik toen dacht: misschien kan ik in plaats daarvan op mijn vinger spugen, maar mag dát dan eigenlijk wel? Het voelt alsof dat coronagewijs toch niet erg slim is, terwijl: als ik corona in mijn mond heb, dan had ik het dus al. Maar dan heeft mijn hand het nu ook.

Dat ik in de trein terug zat vanuit Berlijn, en er toen werd omgeroepen dat we moesten oppassen voor zakkenrollers, vooral op zondagavond. Ze komen de trein in, rollen niet alleen zakken maar ook koffers uit de bagagerekken, en gaan vervolgens de trein weer uit, was het verhaal. Dat ik het nogal brutaal vond, zo’n hele koffer uit een rek halen. Ik zou dat nooit durven. Dat ik dat van die zondagavond ook niet zo goed begreep. Zouden er dan betere spullen in koffers zitten? Of moeten ze de rest van de week op andere treinen aanwezig zijn?

Dat we toen op een station stopten en ik twee jongens met enorme koffers door het gangpad zag lopen en heel even dacht: zouden dit wel hun eigen koffers zijn? Dat het anders wel heel stoer zou zijn, dat ze de lange route kiezen en het hele gangpad doorgaan, met het risico dat iemand zijn eigen koffer voorbij ziet komen rollen van dien. Dat dat natuurlijk ook juist een goede strategie kan zijn. Diegene zal waarschijnlijk denken: hij loopt er zo zelfverzekerd mee rond, hij zal wel net zo’n koffer hebben als ik.

bottom of page