top of page
Brandnetels (c) Anne van Zantwijk_header.jpg

Hoge verwachtingen

Janneke heeft hoge verwachtingen, van zichzelf én van het leven. Hoe dat elke keer weer tegenvalt, lees je hier.

Dat ik vorige week drie keer te veel gegeten had. De eerste keer kwam doordat we bij vrienden gingen eten. We zouden allemaal wat maken, en in totaal was het behoorlijk veel wat er op tafel stond. Dat ik eerst van alles wat nam. Het was allemaal lekker, maar ons eigen eten was toch mijn favoriet. Dat ik daar dus nog wat meer van nam en toen vol zat. Maar dat ik dat uiteindelijk zielig vond voor het eten dat zij hadden gemaakt, en daar dus alsnog de restjes van op ging maken. Ik moest en zou laten zien dat het heerlijk was, die pan moest leeg. Dat ik toen de hele nacht last had van mijn buik. En dat ik dit blogje nu ook niet online durf te zetten, omdat zij mijn blog lezen en al mijn ge-eet dan alsnog voor niks is geweest.

De tweede keer at ik in mijn eentje thuis. Ik besloot mijn lievelingseten te maken. Dat ik dat vervolgens zat te eten en weer volop besefte waarom dit inderdaad mijn lievelingseten is. Dat ik mijn bord leeg at en daarna eigenlijk wel genoeg had, maar ik was de smaak nog niet zat. Daarom schepte ik de rest ook nog op en zat ik ’s nachts wederom rechtop in bed.

De derde keer was toen we een pizza lieten bezorgen. Die pizza’s zijn altijd iets te groot. Niemand die ziet of het eten dat hij/zij gemaakt heeft wel volledig opgegeten wordt, dus geen probleem om wat weg te gooien, zou je zeggen. Maar dat ik halverwege eigenlijk al vol zat en het echt geen gezicht vond, zo’n halve pizza over. Ik ging bijna aan mijn maag twijfelen. Dat ik toen dapper nog een hele punt opat. Gelukkig zat onze hond ook op de pizza te azen, dus bij hem kon ik ook een deel kwijt. Maar aangezien pizza nogal vet en zout is, mocht hij niet te veel. Dus zat er niks anders op dan mezelf toch weer te overeten.

Dat ik het schilderen inmiddels echt spuug- en spuugzat ben. De regen gooit steeds water in het eten en dan kunnen we niet verder, en zodra het dan eindelijk droog is heeft mijn vriend geen tijd en sta ik weer in mijn eentje op de steiger. En voorlopig is het alleen maar schuren, en dan ook nog net boven mijn hoofd. Ik verzuur daar helemaal van, fysiek maar vooral ook mentaal.

Dat er laatst een hommel op ons tuinhek zat waar het niet goed mee ging. Tenminste, dat leidde ik af uit het feit dat hij te lang bleef zitten voor een hommel. Als je me op de man af zou vragen wat de blijven-zit-tijd van gezonde hommels is, zou ik het niet weten, maar dit was echt te lang. Dat het me ook deed denken aan het lieveheersbeestje van een aantal weken ervoor, dat zat eerst ook gezellig op het hek, vlak bij de klink. In het begin deed ik nog extra voorzichtig als ik door het poortje ging, maar later vergat ik het en bleek hij door diezelfde klink te zijn geplet.

Hij zat helemaal plat op het hekje, alsof iemand er een educatieve sticker op geplakt had om aan kinderen, die inderdaad ongeveer die hoogte hebben met hun ogen (dat ligt er natuurlijk aan welke kinderen, maar ga even uit van het prototype kind), te laten zien wat een lieveheersbeestje is. Ik denk wel dat het prototype kind daar al te oud voor is en zich dus ergert aan die sticker – ma-ham, dat weet ik toch al lang. Het lieveheersbeestje had dus lager moeten sterven om na zijn dood nog van nut te zijn. Maar dan was hij nooit zo plat geworden, want daar zat geen klink.

bottom of page