top of page
Brandnetels (c) Anne van Zantwijk_header.jpg

Hoge verwachtingen

Janneke heeft hoge verwachtingen, van zichzelf én van het leven. Hoe dat elke keer weer tegenvalt, lees je hier.

Dat ik op een wc zat waar de afvalbak een sensor bleek te hebben. Als je er in de buurt kwam, ging hij vanzelf open. Ik had de afvalbak niet nodig, dus hoefde daar in principe niet in de buurt te zijn. Het probleem was alleen dat ze de wc-rol precies boven die bak hadden gehangen. Elke keer als je er een paar velletjes vanaf scheurde, kwamen de nieuwe velletjes van de rol vlak boven de bak uit, en ging hij open. Maar ik ging die nieuwe velletjes er natuurlijk niet in gooien. Na een keer of acht begon ik het zielig te vinden. Dat ik toen zei: ‘Ik heb niks voor je, jongen’.

Dat we gingen zaalvoetballen en daar voor het eerst een scheidsrechter bij hadden. Dat ik het meteen al een beetje een autoritair mannetje vond. Hij begon bijvoorbeeld over onze sierraden, die moesten af. Hij zei ook dat de bal die wij hadden meegenomen niet hard genoeg was, volgens hem was dat gevaarlijk voor je enkels als je erop ging staan (wat ik niet van plan was). Dus moesten we hem voordat we konden beginnen nog even oppompen. Dat deden we al zo snel mogelijk, maar toen kregen we daarna toch nog een extra preek: we moesten dit voortaan ruim van tevoren regelen.

Dat ik het daardoor al helemaal gehad had met die vent. En toen hij mij ook nog aansprak op het feit dat ik ‘kut!’ riep toen ik een verkeerde bal schoot, wist ik het zeker: ik heb een autoriteitsprobleem. Gelukkig heb ik de autoriteiten in de andere gebieden van mijn leven grotendeels weten te vermijden.

Dat ik de hond aan het uitlaten was en daarom een poepzakje uit mijn zak pakte, en toen een deel van een woord op het zakje zag staan, namelijk ‘stron’. Dat ik toen heel even dacht dat er ‘stront’ op stond. Maar het bleek ‘strong’ te zijn.

Dat ik niet precies weet waarom, maar toch denk dat de wereld mooier zou zijn als er wel ‘stront’ op poepzakjes staat.

bottom of page